enkel voor abonnees

Filmmaker Jo Franco doet haar goesting

interview - 20 09 2026
Jo Franco
Jo Franco

Jo Franco maakt docu’s over reizen en taal. Ze is geboren in Brazilië en groeide op in de Verenigde Staten (VS). Nu woont ze in België. Ze is verliefd op een Belgische man en op Antwerpen. En ze leest Wablieft! 

 

Wablieft: Jo, hoe kom jij in het kleine België terecht? 

Jo Franco: Dat is een lang verhaal. Ik ben geboren in Brazilië. Toen ik vijf jaar was, verhuisde mijn familie naar de VS. Mijn mama, broer, zus en ik. Ik was erg in de war, want ik sprak Portugees. Ik moest toen Engels leren. Maar dat heeft mijn leven veranderd. Ik sprak toen twee talen. Ik dacht: “Hoe leuk is dat! Wat kan er gebeuren wanneer ik nog meer talen ken? Ik kan mensen helpen, ik kan reizen. Ik kan overal in de wereld leven. En overal vrienden maken.” Vanaf toen wilde ik nog meer talen leren. En veel reizen. Vier jaar geleden was ik in de Duitse stad Berlijn. Ik ontmoette daar een Belgische man. We werden een koppel. We gingen in Antwerpen wonen. Toen begon ik Nederlands te leren, mijn zesde taal. 

 

Mag ik zeggen dat je verliefd werd op Antwerpen?

Ja! Vanaf het eerste moment. Toen ik in Antwerpen kwam, zei ik: “Wauw, wat een leuke stad”. Waarom praat niemand daarover, dacht ik. Mensen praten over Parijs, Rome en Athene. Maar nooit over Antwerpen. Ik heb veel gereisd. Ik heb overal gewoond: in New York, Los Angeles, Londen, Parijs. Maar in Antwerpen vond ik alles. Lekkere koffie, goede restaurants, interessante geschiedenis, verhalen. Mooie plekken, leuke plekken. De mensen hebben een goede band met elkaar. De kwaliteit van het leven is goed. En je raakt overal met de fiets! In de VS praatte ik vaak de hele dag met niemand. Hier heb ik veel contact met mensen. Als je alles met de fiets doet , zie en voel je de buurt. Ik wou dus heel graag in Antwerpen blijven wonen. Een leven opbouwen in Antwerpen. 

 

Hoe ging dat?

Dat was toch moeilijk. Ik ben sinds mijn vijf jaar een migrant. Een nieuwe taal leren, nieuwe vrienden maken, dat had ik al gedaan. Maar toen was ik een kind, nu ben ik volwassen. Nu was de echte ervaring. Hoe ga ik alles van nul opbouwen? Niet helemaal van nul, want ik had mijn vriend. Maar ik wilde ook mijn eigen leven opbouwen in Antwerpen. Daarom wou ik zo snel mogelijk Nederlands leren. 

 

Hoe heb je Nederlands geleerd?

Ik had een online leraar. En ik had één boek met alle regels van de taal. Zo heb ik gestudeerd. Ik dronk veel koffies met mijn schoonfamilie. (lacht) Ik heb ook veel geleerd met Wablieft. Elke week lees ik jullie krant. Eerst dacht ik: ik ga deze taal nooit leren. Het is zo moeilijk. De regels, de volgorde van de woorden … 

 

Je doet het heel goed! Ik was vroeger lerares Nederlands voor anderstaligen. Ik weet hoe moeilijk het Nederlands is. 

Ja! En de mensen praten ook altijd Engels tegen mij. Als er één anderstalige persoon in de ruimte is, praat iedereen Engels. Vlaamse mensen spreken heel goed Engels. Dat is vriendelijk, maar zo kan ik niet oefenen. Nu praten mijn Vlaamse vrienden Nederlands met mij. 

 

 

Uit

Jij presenteerde programma’s op Netflix en op National Geographic. Waar ben je nu mee bezig?

Ik maak al 12 jaar programma’s. Het is mijn voltijdse job. Voor Netflix presenteerde ik ‘The World's Most Amazing Vacation Rentals'. Samen met de twee andere presentatoren reisde ik de wereld rond. We bezochten unieke vakantiehuizen. Voor National Geographic presenteerde ik ‘Big Little Italy’. Ik reisde naar Italiaanse wijken in de hele wereld. Nu werk ik aan een serie over Pixar. Pixar is het bedrijf dat onder meer de films ‘Cars’, ‘Toy Story’ en ‘Finding Nemo’ maakte. In de serie rijd ik de bekende Amerikaanse Route 66. Onderweg praat ik met mensen die meewerkten aan films van Pixar. Ik moest lang zwijgen over dat werk. Want de serie was nog geheim. Nu mag ik het vertellen. Ik ben er heel blij mee. 

Maar ik heb ook mijn eigen show op Youtube. Die heet ‘Translated’. Dat betekent ‘vertaald’. Ik ga op zoek naar de betekenis van een woord. Een woord dat niet echt een vertaling heeft. De eerste aflevering gaat over het Griekse woord ‘xalará’. Dat betekent niet zomaar ‘ontspannen’. Het is een filosofie: het gaat over ‘in het moment leven’. De tweede aflevering gaat over het Vlaamse woord ‘goesting’. 

Uit
Jo Franco
Uit
Jo Franco
Foto's Jo Franco
Uit
Top
50-50
Uit

Waar ging je ‘goesting’ zoeken?

In Antwerpen, natuurlijk. Ik maak het liefst filmpjes over taal en reizen, over verhalen van mensen en geschiedenis. Dat is er allemaal in Antwerpen. Ik filmde in het MAS, de Handelsbeurs, het Red Star Line Museum en de diamantwijk. Allemaal leuke plaatsen in de stad. Ik at stoofvlees, frieten en chocolade. En ik ging met een bootje op de Schelde. Ik leerde dat Belgische mensen bescheiden zijn, maar dat ze met goesting leven. Belgische mensen zijn niet bekend om hun passie. Passie is luid. Maar ‘goesting’ is de Belgische vorm van passie. 

 

‘Translated’ maak je helemaal zelf?

Ja. Ik werk met een kleine ploeg. Die helpt mij met filmen. Maar de rest doe ik zelf. Dan kan ik helemaal mijn ‘goesting’ doen. ‘Translated’ is het eindwerk van mijn opleiding. Ik wou zelf leren om video’s te maken van goede kwaliteit. Daarom begon ik een opleiding aan een school in Londen. Dat was geen klassieke school, niet in de klas zitten en luisteren naar de leraar. Ik mocht zelf een project bedenken. Dat werd ‘Translated’. Nu is mijn opleiding af. Maar ‘Translated’ niet. Ik werk aan drie nieuwe afleveringen, met woorden in het Spaans, Frans en Welsh. Die laatste taal spreken de mensen in het Britse Wales. 

Mijn volgers op sociale media helpen mij wel. Ik vraag hen tips. “Met wie kan ik praten? Waar moet ik naartoe?” Zo maken we de shows samen. 

 

‘Translated’ lijkt meer dan een hobby.

Het voelt als mijn levenswerk. Ik had het idee al lang: een programma maken over taal, cultuur en mensen. Maar een idee hebben is niet genoeg. Je moet er iets mee doen, je moet eraan beginnen. Hard werken. En in jezelf geloven. Vertelde ik iemand over mijn idee? Dan was de reactie vaak: “Nee Jo, een programma over taal, dat interesseert niemand.” Maar ik dacht: “Jawel!” Daarom wilde ik de opleiding volgen. Ik wilde het programma zelf kunnen maken. Want ik geloofde erin. 

 

Je spreekt zes talen. Je leerde Nederlands. Veel lezers van Wablieft leren ook Nederlands. Heb jij tips voor hen? 

Is het moeilijk? Dan doe je het op de goede manier. Een taal leren is niet gemakkelijk. Ik heb ook gedacht: “Ik kan het niet. Nederlands lukt nooit.” Maar je moet doorgaan. Ik las bijvoorbeeld elke week Wablieft. Ik maakte er een vast moment van in mijn week. Met een koffie en een koffiekoek. (lacht) Ik zocht de woorden op die ik niet kende. Dat vraagt tijd en moeite. Maar het werd een soort ritueel. Een leuk ritueel. 

Nog een tip: breng meer Nederlands in je leven. Ik lees nu boeken in het Nederlands. Eerst waren het alleen dunne, gemakkelijke boeken. Nu lees ik de reeks ‘De zeven zussen’ van Lucinda Riley. Dat zijn boeken van ongeveer 700 bladzijden. En ik vergeet dat ik in het Nederlands lees! Maar ik ben nu drie jaar verder. Het ging niet meteen. Begin met kleine stapjes. Zoek leuke muziek, leuke recepten, leuke tv-programma’s. Een taal leren is moeilijk. Maar het mag leuk zijn. 

 

Binnenkort kan jij jouw eigen interview lezen in Wablieft. Met een koffie en een koffiekoek erbij. 

Dat gaat zo leuk zijn. Ik kijk ernaar uit!

 

Uit

Je kan Jo Franco volgen op Instagram: instagram.com/jo_franco 

Haar show ‘Translated’ vind je op YouTube: youtube.com/c/jofranco

Uit